Canarische eilanden

In 2009 maak ik mijn eerste lange studiereis. 9 dagen naar vier van de Canarische Eilanden, Lanzarote, Fuerteventura, Tenerife en Gran Canaria. Het werd ook tijd want ik had nog geen van de eilanden met eigen ogen gezien en ik denk dat dit toch wel de nummer 1 bestemming is in de reisbranche.

 

Lanzarote

 

Eind september vliegen we vertrouwd met Transavia naar Lanzarote toe. Ik verwacht zwart gesteente en dat is het ook. Het eiland bestaat uit voornamelijk vulkanisch gesteente van de zwarte variant met als gevolg dat je een heel bijzonder maanlandschap krijgt. Er groeit maar weinig groen maar heel leuk om bijvoorbeeld te zien zijn de wijngaarden op dit eiland. Men schept grote kuilen in de zwarte weilanden en plant daar vervolgens de druivenstruik in. De kuilen zet met af met witte stenen wat een bijzonder plaatje vormt als je al die ‘’wijngaarden’’naast elkaar ziet liggen.

 

Leuk om te doen op het eiland is een bezoek brengen aan het Timanfaya National Park. Dan waan je je echt op de maan! Men laat er proefjes zien om te bewijzen dat de vulkaan nog steeds ‘’actief’’ is. Denk hierbij aan een handje stro dat in een gat wordt gegooid waar vanuit je vervolgens een vlam ziet komen van het stro dat vlam vat. De tour door het Nationale park kun je met eigen auto doen maar ook met een bus via de reisorganisatie of via het park zelf.

 

Door het zwarte gesteente zijn de meeste stranden op Lanzarote dus ook zwart. Heel apart om daar met je blote voeten doorheen te lopen. Je denkt dat je in een zak met tuinaarde stapt maar in werkelijkheid is het zand bij bijvoorbeeld Puerto del Carmen super zacht.

 

Op Lanzarote is één plek waar je witte stranden vindt en dat is Playa Blanca (wat dus ook wit strand betekent). Playa Blanca is een klein vissersdorpje met een boulevard en witte stranden. Langs de boulevard zijn vele restaurants. Persoonlijk vind ik dit de leukste plaats op Lanzarote vanwege de knusse boulevard, de fijne stranden, de heerlijke restaurantjes langs de boulevard dus kortom de sfeer is erg goed hier! Vanaf de luchthaven ben je in een half uur bij de hotels en appartementen complexen in Playa Blanca.

 

Puerto del Carmen is wat minder lang gerekt maar wel met twee hele grote stranden en het is hier daardoor iets drukker. Mensen die echt meer reuring zoeken kunnen hier heel goed terecht. Een tip voor iedere plaats op het eiland, huur een fiets. Dat kan al voor een paar euro per dag. Het is heerlijk om door het warme weer heen te fietsen en het eiland te verkennen.

 

 

Fuerteventura

 

Vanaf de haven van Lanzarote gaan we met de ferry naar Fuerteventura, de overtocht duurt ongeveer 20 minuten. We komen aan in Corralejo. Corralejo is een havenplaats met restaurants en barretjes gelegen rond de haven. Hierachter ligt dan het werkelijk centrum van Corralejo en hier weer achter de hotels. Als men een accommodatie in Corralejo uitzoekt houdt er dan rekening mee dat er niet veel gebruik word gemaakt van het strandje nabij de haven maar vooral van de duinen waar Fuerteventura om bekend staat. Vanaf ieder hotel gaat er wel een bus naar het duingebied waar je prima kunt toeven.

 

Op Fuerteventura heb je onder andere ook nog de plaatsen Costa Caleta en Jandia. Costa caleta is vooral bekend om zijn 400 meter lange zandstrand. In en rond de haven zijn veel leuke restaurants en terrassen. Veel mensen komen hier ook watersport uit te oefenen.

 

Jandia ligt in het zuiden van het eiland en heeft een lang zandstrand van 25 kilometer. Het is een vrij nieuwe badplaats met moderne en nieuwe hotels en winkelcentra. Ook hier kunnen watersporters hun hart ophalen.

 

 

Tenerife

 

Vanaf Fuerteventura vliegen we met de luchtvaartmaatschappij Binter naar Tenerife. Het is een korte en comfortabele vlucht. Tenerife is sinds deze reis mijn favoriete Canarische Eiland. Ik leg dit altijd als volgt uit: Ieder Canarisch Eiland heeft zijn eigen kenmerken, Lanzarote heeft het zwarte gesteente, Fuerteventura heeft vooral veel duinen en dus heerlijke stranden, La Palma is ontzettend groen en Gran Canaria vindt men wat meer algemeen vertier. Tenerife heeft het allemaal! In het Zuiden liggen de drie plaatsen Los Cristianos, Playa de las Americas en Costa Adeje aan elkaar vast met een lange boulevard van 18 kilometer. Het mooie aan deze boulevard is dat de autoweg achter de hotels loopt en dus niet op de boulevard zelf.

 

Als je het eiland gaat verkennen (zelf heb ik dat met een huurauto gedaan) en de Pico del Teide gaat beklimmen dan kom je opeens in een prachtige groene boomgrens terrecht. Mooie bossen en op een gegevens moment passeer je in dit groene gedeelte de wolkengrens. Erg leuk om even te stoppen op een van de uitkijk punten om ‘’in de wolk’’ vervolgens even uit te stappen. Na deze wolkengrens is het net of je in Amerikaans Canyon gebied terecht komt met prachtige kleuren van het zwarte, gele en rode vulkanische gesteente. Echt prachtig! Vervolgens rijdt je aan de zuid kant weer naar beneden, het heerlijke weer te gemoed evenals de heerlijke stranden.

 

Playa de las Americas heeft een bruisend uitgaansleven. Deze plaats is vooral in de zomer dus ideaal voor jongeren. De stranden lopen allemaal langzaam af in zee waardoor alle drie de plaatsen ook voor gezinnen zeer geschikt zijn. Costa Adeje is de nieuwste plaats van de drie. Hier vind je hotels in het hogere segment en ook luxe winkelcentra. De restaurants en bars hier zijn ook iets luxer. Los Cristianos is van oorsprong een oud vissersdorp.

 

 

Gran Canaria

 

Vanaf Tenerife gaan we ook weer met de ferry naar Gran Canaria toe, deze overtocht duurt ongeveer 55 minuten. Heerlijk om gewoon even op het achterdek om je heen te turen en alle eilanden aan je voorbij te zien komen. De bekendste plaatsen op Gran Canaria zijn Playa del Ingles en Maspalomas. Playa del Ingles is het drukkere centrum van de badplaatsen in het zuiden van Gran Canaria. Er zijn hier veel terrassen, discotheken, restaurants en winkels. De lange boulevard met aan de overkant van de weg het strand gelegen. Playa del Ingles is zeer populair bij de Nederlanders die hier jaar na jaar weer heerlijk terug komen.

 

Een aanrader voor dit eiland is zeker de Jeep safari. Deze word georganiseerd door een Amsterdammer die al 21 jaar op Gran Canaria woont. Je rijdt door de leukste dorpjes en vervolgens volgt er een stuk offroad!! Het is ook echt offroad!! Wil je niet stoffig uit de jeep komen zorg er dan voor dat je in de voorste jeep mee mag rijden.

 

Maspalomas daarentegen is wat duurder en chiquer, hier staan ook de wat duurdere hotels. Over het algemeen drie en vier sterren. Ook hier is een prachtige boulevard met op het zuidelijkste punt van de Canarische eilanden de vuurtoren van Maspalomas.

 

Persoonlijke favoriet is de plaats Puerto de Mogan in het westen van het eiland gelegen. Puerto de Mogan, ook wel ‘’klein Venetië’’ genoemd. En dat is het zeker! Een schilderachtig dorpje met een niet al te groot strand en een vissershaven. Overal zie je de leukste restaurantjes. Een keer per week word er ook een markt gehouden in Puerto de Mogan, dan loopt de plaats ook uit en is het een gezellige drukte.